Last van het gebrek aan nuance?

LAST VAN HET GEBREK AAN NUANCE?

Lijd je ook onder het zwart-witdenken dat de meeste maatschappelijke discussies - of het nu over het klimaat, migratie of genderneutraal speelgoed gaat - inmiddels danig beheerst? Onder de ééndimensionaliteit die het politieke debat zo hevig teistert? En krijg je ook zo’n buikpijn van de grote woorden en de snelle oneliners die alleen maar bedoeld zijn om te scoren? Heb je ook zo’n behoefte aan nuance, aan een beetje eruditie, aan ruimte voor meerduidigheid, zonder je daarbij meteen te hoeven begeven in a-politieke sferen waarin alleen de eigen zielenroerselen ertoe doen?

Misschien is het dan tijd voor het lezen van Moussa of de dood van een Arabier, van de Algerijnse schrijver Kamel Daoud. Of beter nog: lees eerst de klassieker De vreemdeling van Albert Camus (nog eens, of eindelijk dan toch) en daarna Daouds boek.

In zijn zinderende debuutroman wekt Daoud namelijk de anonieme Arabier tot leven die in De vreemdeling op het strand wordt doodgeschoten. De ‘naamloze die niet eens de tijd kreeg om een voornaam te dragen’ krijgt van Daoud een naam, Moussa. Sterker nog: hij krijgt een denkbeeldig broertje, Haroen, die aandacht opeist voor de dubbele moord die op zijn grote broer werd gepleegd. Hij werd immers niet alleen gedood in een boek, maar ook nog eens achteloos aan de kant geschoven door de auteur daarvan, Camus, die alleen maar oog heeft voor de moordenaar en zijn problemen. Terwijl de dood van zijn broer Haroens leven sinds zijn zevende geheel heeft bepaald.
Moussa is een ingenieuze hervertelling van een westerse klassieker. Een boek dat gemakkelijke waarheden op z’n kop zet en je als lezer de vele lagen van een verhaal laat zien. Goed voor wie wel wat complexiteit kan gebruiken in deze simplistische tijden (wat iets anders is dan moeilijk leesvoer, want dit boek leest als een trein).
Extra waardevol is dat het dit boek ook nog eens raakt aan de actuele politieke vraag wie treurt om welk verlies. Daoud vraagt zich af hoe het kon gebeuren dat hele generaties lezers een man die stierf op een ver Noord-Afrikaans strand eenvoudigweg wisten te negeren. Die vraag is met de vele doden die er inmiddels aanspoelen op Noord-Afrikaanse en Zuid-Europese stranden, prangender dan ooit.


Literaire zelfzorg voor lijders aan vliegschaamte

Literaire zelfzorg voor lijders aan vliegschaamte

Lijd je zo met de zomerperiode voor de deur aan vliegschaamte? Was je deze keer echt vastbesloten met de trein te gaan, omdat je echt wel weet hoeveel milieuschade vliegen veroorzaakt, maar bleek die trein toch wel onaangenaam veel duurder / ingewikkelder te boeken / langzamer …? Weegt de euro die je doneerde voor een compenserende boom gevoelsmatig toch niet helemaal op tegen de effecten van jouw uiteindelijke vliegreis van 10 uur naar die heerlijke bestemming? Wees trots op jezelf – met je bewustwording is niets mis. En, je bent niet alleen!
Steeds meer mensen lijden aan vliegschaamte. Dat op zich is al een troost. En het biedt hoop natuurlijk. Want hoe meer mensen last hebben van deze kwaal, hoe beter het voor ons milieu is. Ten minste, als die vliegschaamte uiteindelijk leidt tot andere keuzes. Wij stelden een boekenlijstje op dat je kan helpen je schaamte om te zetten in actie.

Een goed begin: het verhaal Reis door mijn kamer van Maarten Biesheuvel. Hierin laat Biesheuvel je op een weergaloze manier langs de objecten in zijn kamer reizen, “tot het u duizelt”, zoals hij zelf schrijft. 
Wil je toch een ietsiepietsie verder reizen dan een denkbeeldige meter of vier? Pak dan de fiets en vlij je als de benen moe worden neer in het gras met Filosofie van de heuvel van Ilja Leonard Pfeijffer.
Lijkt zo’n fietstocht verder de heuvel op je toch wat te uitputtend? Al wandelend kom je ook een eind. Dat ervaar je bijna aan den lijve met het lezen van bijvoorbeeld Voetsporen van Richard Holmes, maar ook bij De wandelaar van Adriaan van Dis, of - op een heel andere manier - Een vrouw op de vlucht voor een bericht van David Grossman.
Of wil je nu toch echt de diep weggezakte of nog nooit ervaren treinliefde in jezelf wakker kussen, zodat het volgende keer echt een treinticket in plaats van een vliegticket wordt? Laat je vervoeren door Nachttrein naar Lissabon van Pascal Mercier, Treindromen van Denis Johnson of Reizen zonder John van Geert Mak.

Natuurlijk, dit zijn slechts een paar voorbeelden. Er zijn ontelbaar veel boeken over anders reizen en talloze boeken die op zichzelf al een reis vormen. Wat ze gemeen hebben is dat ze laten zien dat reizen ook zonder het vliegtuig heel spannend kan zijn. Sterker nog: veel spannender dan met. Eigenlijk heeft reizen met het vliegtuig NIETS met reizen te maken, slechts met je verplaatsen. Reizen is iets heel anders, zo bewijzen deze boeken. Je ziet, beleeft en ontmoet eigenlijk veel meer als je NIET met het vliegtuig gaat. Laat je inspireren – is het niet voor nu, dan vast voor een volgende vakantie ;-)

Heb een prachtige zomer!
Marije & Akke


Last van vaderschapstwijfels?

Last van vaderschapstwijfels?

Onderzoek ze met Kleine dagen van Bernard Dewulf

Zit je op de wipwap waar het om wel of niet voortplanten gaat? Al 35, maar nog te druk met werken tot 8 uur 's avonds en met het bijhouden van je Facebookvriendschappen om het kinderbesluit echt bij de kop te pakken? Of tikt bij jouw vriendin de biologische klok inmiddels luid en duidelijk, maar aarzel je over het vaderschap, omdat je bang bent dat het een enorme inbreuk op je vrije leven zal zijn? Vrees je een leven op de vierkante centimeter wanneer je aan kinderen begint?

Dan schrijven we je Kleine dagen van Bernard Dewulf voor. Deze Vlaamse schrijver weet dat leven op de vierkante centimeter in woorden te vangen. In korte impressionistische stukjes van een pagina of anderhalf schrijft hij over wat hij ziet en voelt als hij naar zijn kinderen kijkt. Pretparkbezoek, boomklimmen, lieveheersbeestjes verzamelen in de tuin, uitzwaaien bij de schoolreis, een zoon die verveeld op de bank hangt: Dewulf kijkt ernaar en maakt ons als lezer deelgenoot.

Op die manier vangt Dewulf de poezie van het dagelijks leven met kinderen en geliefde.  Zijn boek laat in feite zien hoe het hebben van kinderen een soort van tweede ontdekkingsreis door de wereld behelst. Ooit was je zelf een kind en was alles wat je deed en zag nieuw. Eenmaal een flink aantal jaren volwassen neemt het aantal dingen die je voor het eerst doet zienderogen af. Leef je een leven met kinderen, dan beleef je die ontdekkingstocht van de wereld, van het wonder van kunnen fluiten tussen je tanden tot aan de schrik om oorlogstaferelen op het journaal, nog een keer.

'Miniaturen van de gloed van het gewone', zo noemde iemand dit werk van Dewulf. Lees het, elke dag een paar stukjes, en kijk in hoeverre deze miniatuurtjes iets doen gloeien in je buik. Zo ja, dan is een leven met kinderen misschien wel echt iets voor jou. Vind je het allemaal maar dodelijk saai en beperkt en denk je: dat die man niet snakt naar verre reizen en nachtenlang dansen?, dan moest je het misschien maar beter laten.


Last van ouder worden? Dit verhaal helpt

Last van ouder worden? Dit verhaal helpt

Vroeg of laat krijgen we er allemaal mee te maken... Dat we oud worden. Dat hopen we althans. En op een bepaalde manier ook weer niet. Want zo'n ouder wordend lijf, met die grijze haren en die rimpels, dat hebben we liever niet. Mensen zouden het eens zien dat je geen 20 meer bent, of 30, of 40! We worden steeds ouder, maar wensen meer dan ooit dat we eeuwig jong blijven. En dus werken we ons in het zweet in de sportschool of al bootcampend in het park, verdienen multinationals miljarden aan cremepjes en pilletjes die onze huid glad en strak en onze energiehuishouding optimaal moeten houden en gaat het bij etentjes steeds vaker over de gezondheidsgevaren van alcohol, rood vlees, rijst, te veel soja, alles met tarwe, fruit... tja, wat niet eigenlijk?

Ben je daar eigenlijk ook wel helemaal klaar mee, maar weet je niet goed hoe vrolijk ouder te worden? Of wil je je vast voorbereiden op wat komen gaat over 10, 20, 40 jaar? Lees dan het korte verhaal: 'Wat een oude vrouw zal dragen' van Lydia Davis. Een fragment hieruit:

Ze keek ernaar uit een oude vrouw te zijn en gekke kleren te dragen. Ze zou een vormeloze donkerbruine of zwarte jurk dragen van dun materiaal, misschien met bloemetjes erop, in elk geval gerafeld in de hals en bij de zoom en onder de armen en scheef van haar knokige schouders hangend langs haar knokige heupen en knieen. 's Zomers zou ze een strohoed bij haar bruine jurk dragen, en als het koud weer was een tulband of een helm en een warme jas van iets zwarts en krullerigs als lamswol. Minder interessant zouden haar zwarte schoenen met hun vierkante hakken zijn en haar dikke kousen die rimpelden rond haar enkels.
Maar voordat ze zo oud was, zou ze nog een flink stuk ouder zijn dan nu, en ze keek er ook naar uit zo oud te zijn, de bloei van haar leven voorbij, zoals het heet, en het wat kalmer aan te doen.

Zo kun je er ook naar kijken he? Als een tijd waarin het niet meer uitmaakt wat je doet of hoe je eruitziet, omdat er minder op je gelet wordt. Waarin je eindelijk bevrijd bent van het heilige moeten. Davis bekijkt het van een andere kant en dan wordt ouder worden opeens een heerlijk vooruitzicht. Wij kunnen bijna niet wachten!

In te nemen steeds wanneer de paniek over het ouder worden toeslaat.

Lydia Davis
Fragment uit 'Wat een oude vrouw zal dragen'
Bezoek aan haar man
Atlas Contact, 2011


Zelfzorg voor lijders aan babyblues: In het land van moeders

ZELFZORG VOOR LIJDERS AAN BABYBLUES: IN HET LAND VAN MOEDERS

in het land van moedersEen kind krijgen is een prachtige, maar ook gruwelijke ervaring. De eerste maanden moederschap zijn overweldigend. Extase over het nieuwe hummeltje in je leven wisselt zich af met diepe wanhoop, uitputting en een groot gevoel van benauwing. Herkenbaar? Rachel Cusk biedt met In het land van moeders troost, een spiegel en wat vaste grond onder de voeten voor moeders die in de babyblubber weg dreigen te zinken. Niet in de zin van ‘kom op, zo erg is het allemaal niet, gewoon een postnataal dipje’. Cusk beschrijft heel eerlijk wat het krijgen van een kind precies met haar deed. En dat op een manier die tegelijk geestig en schrijnend is, zowel persoonlijk als analytisch.

De Engelse auteur Cusk (1967) schreef het boek tijdens haar tweede zwangerschap en kraamperiode. Na de geboorte van haar eerste dochter weet ze niet wat haar overkomt, hoe ver ze wegdrijft van haar gevoel van identiteit en zelfstandigheid. Maar als na verloop van tijd de buitenwereld weer in handbereik komt, weet ze bijna niet meer te benoemen wat haar nou zo ontwortelde. Sterker nog: ‘Ik vergat opzettelijk alles wat ik kort geleden zo scherp had gevoeld: in werkelijkheid kon ik die gevoelens niet verdragen.’ Door er als ze voor de tweede keer zwanger is over te gaan schrijven, dwingt ze zichzelf haar tegenstrijdige gevoelens onder ogen te zien en aan het papier toe te vertrouwen.

Het boek bevat een schat aan herkenbare verhalen over dagelijks moederleven. Geestige verhalen over idiote voedingsadviezen, de geheimtaal waarin vrouwen over bevallingen kunnen praten en de eerste wandeling buitenshuis (‘Ik vind mezelf redelijk succesvol: ik loop en praat terwijl de baby in een draagzak tegen mijn borst slaapt’). Maar ook passages waarin Cusk haarscherp weet te schetsen hoe schrijnend en verwarrend het allemaal kan zijn. ‘Dan huilt ze, van achter de deur. Ik begin te schreeuwen. Ik weet niet precies wat ik schreeuw, iets van dat het oneerlijk is, dat het natuurlijk volkomen onredelijk is dat ik VIJF MINUTEN voor mezelf zou willen hebben. GA SLAPEN! schreeuw ik, nu recht boven haar wieg. […] Uiteindelijk valt ze in slaap, stil en onderdanig, waarbij ze mijn hulp afwijst. Dat ze zich van me afkeert, vervult me met schaamte; de slaap zelf, waarnaar ik zo heb verlangd, is ondraaglijk. Ik wil haar wakker maken, haar liefde aanreiken. Nu ze stil en kalm is, is mijn liefde weer volmaakt, en ze is niet eens wakker om het te zien.’

Door dit soort persoonlijke ervaringen heen weeft Cusk ook nog eens buitengewoon scherpzinnige inzichten over wat moederschap met je doet. ‘De bevalling is niet alleen dat wat vrouwen van mannen scheidt: het scheidt vrouwen ook van zichzelf, zodat een vrouw een totaal andere opvatting krijgt over wat het betekent om te bestaan. In haar hebben andere personen bestaan, en na hun geboorte leven die binnen de jurisdictie van haar bewustzijn. Als ze bij hen is, is ze niet zichzelf; als ze niet bij hen is, is ze niet zichzelf; en dus is het even moeilijk om je kinderen achter te laten als het is om bij ze te blijven.’

Na publicatie van het boek viel half Engeland over Cusk heen. Ze zou het moederschap onwaardig zijn. Door bewonderaars werd het boek ook wel provocerend genoemd. Maar het is geen provocatie, het is de rauwe werkelijkheid. En niets is troostender dan dat die er gewoon mag zijn.

Beste tijdstip van inname: als het moederschap je naar de strot vliegt (of als je wilt weten waarom je geliefde er zo doorheen zit). Eventuele bijwerkingen: een opluchtende huilbui.

In het land van moeders van Rachel Cusk
Oorspronkelijk uitgegeven als A Life’s Work: On Becoming a Mother (2001), in het Nederlands verschenen bij De Bezige Bij (2004)


Te zware last op je schouders? Zoo City relativeert

Aap op je schouder

zoo-city-beukesSchouders zijn er in soorten en maten, net als de meeste andere lichaamsdelen. Sommige schouders zijn uitermate fijn om op uit te huilen, of om op te staan om bij die ene lekkere appel te kunnen. Wie durft, zet zelf zijn schouders ergens onder, al komt het ook regelmatig voor dat we onze schouders ergens over ophalen. En soms, ja vaker dan ons lief is, is de last die we op onze schouders voelen drukken zo zwaar dat we er letterlijk onder gebukt gaan.

Heb je veel mee te sjouwen? Draag je de zorg voor een ziek familielid? Is je bedrijf bijna failliet? Voel je de last van een overvolle to-do lijst? Kortom: bezwijk je bijna onder de last op je schouders? Is de aap op je schouders zo groot is dat je er niet meer omheen kunt? Lees dan ter relativering Zoo City van Lauren Beukes.

De Zuid-Afrikaanse Beukes laat je voelen hoe het is als je daadwerkelijk een last meetorst, in de vorm van een dier dat zich aan je vastklampt. Zoo City is science fiction in de beste zin van het woord, scherpzinnig en maatschappelijk. Het speelt zich af in het hedendaagse Johannesburg. Daar sjouwt iedereen die iemand vermoord heeft als ‘merkteken’ een dier met zich mee. De scheidslijnen lopen in dit boek niet langs kleur of ras of klasse, maar tussen degenen die ‘animalled’ zijn en zij die dat niet zijn. Het centrum van Johannesburg is het terrein van degenen die een last te dragen hebben. Maar naast het dier dat zij met zich meedragen, krijgen de misdadigers ook een speciale gave die ze ten goede kunnen aanwenden.

Hoofdpersoon Zinzi heeft een luiaard op haar schouders en kan het huis niet verlaten zonder hem mee te nemen. Met hem heeft ze ook het vermogen om verloren spullen terug te vinden. Voortdurend zijn er mensen die van die gave gebruik willen maken voor onbenulligheden of om verloren gewaande waardevolle spullen te traceren. Totdat Zinzi de opdracht krijgt om een tienertweeling in nood op te sporen. Haar zoektochten brengen haar aan de rafelranden van deze harde stad, waar het onveilig is en geen mens te vertrouwen lijkt. Zo schetst Beukes op geheel eigen wijze een beeld van het underdogleven in de grote stad en een subtiel apartheidsverhaal.

Als de aap op je eigen schouders te zwaar wordt, leer dan van Zinzi. Zij omarmt tenslotte haar luiaard en leert ermee leven, ondanks de afschuw en irritatie die hij opwekt. Het is een last ja, maar ook het zichtbare symbool van het verleden dat onlosmakelijk met haar verbonden is en daarmee een onderdeel van haarzelf. Er is geen ontkomen aan.

*Dit recept verscheen eerder in de bundel Een zachte machine. Een literaire reis door het lichaam van Arko Oderwald.


Angstig over waar het naartoe gaat met de wereld?

ANGSTIG OVER WAAR HET NAARTOE GAAT MET DE WERELD?

WolkenatlasFace your demons met Wolkenatlas van David Mitchell

Durf je het journaal niet meer aan te zetten ’s avonds? Vrees je dat je kinderen opgroeien in een wereld vol haat en onrust? Ben je alvast aan het hamsteren geslagen voor het geval dat die Derde Wereldoorlog toch echt uitbreekt? Kortom, ben je net als vele anderen bang voor wat er zich momenteel afspeelt op deze aardbol? Verdiep je dan in Wolkenatlas van David Mitchell.

Wolkenatlas is een roman in zes verhalen, alle zes zeer verschillend in stijl en genre – van een avontuurlijk reisverslag via hilarische brieven tot aan een thriller. De verhalen hebben op het eerste gezicht een chronologische opbouw. Het eerste verhaal start, zo lijkt het, ver in het verleden. Hiervandaan voert Mitchell ons mee tot ver in de toekomst, en dan opnieuw terug naar het verleden. Het is geen fraaie tocht door de tijd. Het zijn verhalen over hoe ons misbruik van de aarde leidt tot verwoesting en over wat ons mogelijk te wachten staat als het gruwelijk misgaat met de wereld. Mitchell laat ons bijvoorbeeld doorleven hoe het is als we volledig getechnologiseerd raken. Het mooie is dat hij door alle ellende heen laat zien hoe zelfs robots revoluties kunnen doen ontketenen en hoe ook in een post-apocalyptische wereld mensen toch weer contact met elkaar zoeken en opnieuw een samenleving in het klein opbouwen.

Nee, een sussend boek is het niet. En Mitchell valt niet te betrappen op het kleinste spatje vooruitgangsideologie. Maar hij laat je in deze fascinerende roman bovenal ervaren dat de menselijke beschaving cyclisch is. Wolkenatlas herinnert je eraan dat ook grootse beschavingen als die van de oude Egyptenaren en Grieken ooit ingestort zijn, en dat dit toch geen einde aan het bestaan van Egyptenaren en Grieken maakte, noch aan de menselijke bewoning van de aarde. En dat maakt het boek uiteindelijk hoopvol. De aarde draait wel door, en de mensheid uiteindelijk ook, hoe horterig en horkerig ook.

Ondertussen kun je ook genieten van de virtuoze vertelkunst van Mitchell, die jongleert met tijd en chronologie, vorm en verteltrant. En passant opent hij daarmee een luikje in je hoofd, dat je doet beseffen hoe waardevol het is om buiten de gebaande paden te treden. Wie met een open geest en vol creativiteit de wereld in stapt, zal in elk geval geen willoos slachtoffer van doemdenken worden.

Lees Wolkenatlas in alle rust, zonder je af te laten leiden, in dagelijkse porties van ongeveer 25 bladzijden. En wees niet bang: hartkloppingen zijn slechts een onschuldige bijwerking.


Last van een overmaat aan gal?

LAST VAN EEN OVERMAAT AAN GAL?

Godverdomse dagenLees Godverdomse dagen op een godverdomse bol van Dimitri Verhulst!

De galblaas: peervormig fabriekje van gifgroen vocht. Afvalverwerker par excellence. Maar ook bron van bitterheid, die bij sommige mensen regelmatig dreigt te overstromen. Loop je over van ergernis? Lijd je onder terugkerende zure oprispingen? Ben je bijvoorbeeld de geluidsoverlast van de buren helemaal zat? Kun je die collega die de kantjes eraf loopt wel wat aandoen? Of zijn het de dagelijkse telefoontjes van je schoonmoeder die je helemaal tot hier zitten? Ofwel: brandt het gal je in de keel? Houd hem niet binnen, maar spuw ‘m er in één krachtige straal uit! De Vlaamse auteur Dimitri Verhulst laat in Godverdomse dagen op een Godverdomse bol een boek lang zien hoe je dat doet. Lees het, dat lucht op.
Godverdomse dagen op een Godverdomse bol is één lange tirade tegen de mensheid en hoe die zichzelf en de wereld waarin hij leeft naar de kloten helpt. In deze roman beschrijft Verhulst de evolutie van de menselijke soort. Het boek begint heel rustig in het stadium van de eencelligen. Maar nadat we tot mens zijn geëvolueerd en ons al oorlog voerend over de wereld verspreiden, is er weinig meer om optimistisch over te zijn. Verhulst heeft geen hoge pet op van de mens en hij trekt alle registers open om dat duidelijk te maken. Onze lichamelijke afscheidingsprocessen beschrijft Verhulst bijvoorbeeld zo:
“ 't Hoest en 't rochelt en 't kucht. 't Heeft stramme spieren en klieren die zich alleen nog werpen op de productie van zweet. Koortszweet. Dik als opgespoten kloten treft 't bulten in z'n lies en onder z'n oksels aan. Zwarte striemen zetten zich vast op de nek en als je 't met een mes zou opensnijden, zou je zelfs keiharde bollen en fistels zien groeien in de darmen van de getarte. 't Schijt aanvankelijk nog stront maar gaandeweg schijt 't ook water. 't Schijt maar hele dagen aan doch nooit genoeg opdat 't ook zijn ziekte zou mogen mee uitschijten. Slijm en gal en hier en daar nog andere drab loost 't langs de bovenkant. 't Kan geen lichaamsspleet meer hebben of er moet vettigheid uit sijpelen.”
En lucht dat nu op, zo’n scheldpartij van bijna 200 pagina’s? Ja! Maar niet omdat ons beeld van de mensheid en onze toekomst er beter op wordt; Verhulst relativeert niet. En ook niet omdat er veel te lachen valt (dat is weliswaar het geval, maar verklaart toch niet de heilzaamheid van dit boek). Het lezen van dit boek lucht op omdat Verhulst onze gal voor ons spuwt en dat zo overtuigend en over the top doet dat we er niets meer aan hebben toe te voegen. Als het boek uit is, is onze galblaas leeg en kunnen we verder. Wekelijks preventief een aantal bladzijden lezen is zeer aan te bevelen.


Struikel je wel eens over je tong? Lees Dertien!

Een haperende tong

Dertien MitchellDe tong. Een van de meest sensuele organen die de mens rijk is. Zo gevoelig is bijkans geen enkel ander lichaamsdeel. Beter nog dan de vingertoppen tast de tong onbekende oppervlakten af, op zoek naar contour, textuur en warmtegraad. Om over zijn rol als smaakzintuig nog maar te zwijgen. Toch kan de tong ook een vijand worden. Als je tong niet doet wat jij wil en je over je woorden laat struikelen, dan is al dat heerlijke voelen en proeven opeens van ondergeschikt belang. Dan sta je machteloos te stamelen en te stotteren, afgesneden van de taal. Overkomt het jou regelmatig dat je met je mond vol tanden staat, en je tong angstig tegen je gehemelte geplakt zit? Lees dan Dertien van David Mitchell.

De 13-jarige Jason heeft een spraakgebrek. Maar meer dan dat: last van opgroeien. Van niet weten hoe zich gedragen tegen het meisje dat hij leuk vindt. Van irritante klasgenoten. Van angst om uitgelachen te worden omdat hij graag gedichten schrijft. Van ouders die met elkaar in de clinch liggen en een zus die hem niet ziet staan. Daar valt een beetje stamelen eigenlijk bij in het niet. Hoewel: “Hangman is verdomd genadeloos deze maand januari”. Het is Hangman, zoals Jason zijn weigerende tong noemt, die besluit welke woorden er niet lekker uitkomen. Jason is een meester in het ontwijken van die woorden. “De enige manier om Hangman te slim af te zijn, is om één zin vooruit te denken, en als je een stamelwoord aan ziet komen, je zin te veranderen zodat je het niet hoeft te gebruiken.” Blokkeert Hangman sigaretten? Dan neem je gewoon peuken, of Marlboro’s.

Als lezer volg je Jason een jaar lang. Een jaar waarin Hangman steeds opdringeriger wordt, juist nu hij onder vuur ligt van een aantal pestkoppen. Soms als hij met een meisje praat is Jason “zo nerveus dat zelfs Hangman ervandoor was om zich ergens te verstoppen”. Maar in de klas schept Hangman er genoegen in Jason voortdurend voor paal te zetten. In Jasons hoofd woont naast Hangman ook Kruiper, die hem steeds toesist te duiken, zich gedeisd te houden, geen aandacht op zich te vestigen, alles gelaten over zich heen te laten komen. Tot Ongeboren Tweelingbroer zich ermee gaat bemoeien…

Dertien geeft een prachtig inzicht in het gevecht met de tong dat stamelaars en stotteraars kunnen hebben. En laat ook zien hoe ze zich kunnen bevrijden uit de houdgreep van hun eigenste Hangman, zodat de woorden weer vrijelijk kunnen stromen.


Last van uitstelgedrag? Out of Sheer Rage van Dyer helpt

LAST VAN UITSTELGEDRAG? OUT OF SHEER RAGE VAN DYER HELPT

Heb je, ondanks dat de vakantie nog maar net achter de rug is, alweer last van uitstelgedrag? En dat terwijl je je nog zo had voorgenomen om dit jaar de dingen nu eens niet direct te laten versloffen.... Lees dan Out of Sheer Rage van Geoff Dyer.

De Engelse schrijver en publicist Geoff Dyer heeft zich voorgenomen een academische studie te schrijven over D.H. Lawrence. In Out of Sheer Rage doet hij verslag van zijn pogingen daartoe. Dyer beschrijft op hilarische en herkenbare wijze alle uitvluchten die hij bedenkt om maar niet aan het boek te hoeven beginnen. Zo spendeert hij bijvoorbeeld heel veel tijd aan het bedenken of hij het boek wel zal schrijven en zo ja, waar hij dat dan gaat doen.

`And even if I didn't decide to write my study of Lawrence I still had to decide where I was going to live because, irrespective of whether or not I was going to write my study of Lawrence, I still had to live somewhere - but if I was going to write a book about Lawrence then that brought in a whole range of variables which I would need to weigh up when considering where to live, even though deciding where to live was already complicated by a massive number of variables.`

Uiteindelijk vertrekt Dyer naar Rome, om eenmaal daar aangekomen te bedenken dat het heel onhandig is om niet thuis te zijn, waar al zijn materiaal ligt. Ook de tripjes in de voetsporen van Lawrence brengen geen voldoening: ' You say, 'I am standing in the place he stood, seeing the things he saw…', but nothing changes, everything remains exactly the same: a road, a house with sky above it and the sea glinting in the distance.´

Dyer beschrijft vooral tot in detail wat zich zoal afspeelt in zijn hoofd. De overrompelende schrijfstijl van Dyer in dit boek, zijn gemopper en de onrust die van de bladzijden afspat, passen bij zijn gemoedstoestand. Want dat is waar het in het boek uiteindelijk om draait: waarom lukt het niet datgene te doen dat ik me had voorgenomen? Aan het eind van het boek wordt duidelijk waarom het Dyer zoveel moeite kostte om zich aan zijn werk te zetten.

Intussen ben je dan vele scherpe observaties verder over allerlei onderwerpen, van Italiaanse eetgewoonten tot IKEA, die op het oog weinig met Lawrence te maken hebben. Alsof Dyer over alles wil schrijven, behalve Lawrence. Maar schijn bedriegt, want en passant leer je toch heel wat over Lawrence, al is het niet in de vorm van een droge academische studie. Dyer kan tevreden zijn, zijn boek is af. Een boek met een boodschap voor iedereen die ´op de een of andere manier een studie over D.H. Lawrence moet schrijven´. Volgens Dyer zijn wij dat allemaal.

Eventuele bijwerkingen: dit boek kan je tijdens het lezen onrustig maken, maar aan het eind zul je toch overtuigd zijn van de noodzaak om – net als Dyer – gewoon te beginnen aan de taak die je hebt liggen.

Out of Sheer Rage, van Geoff Dyer
Little, Brown & Company, 1997
Niet in het Nederlands vertaald